Redactioneel 2 JG42 2024
'Wat hebben we toch een mooi vak!’ Nu weet ik niet precies of dit haar woorden waren, maar het was wel de teneur van wat Lou Andreas-Salomé tegen Freud vertelde. Waarschijnlijk in een van hun vele briefwisselingen. Toen Freud bezorgd polste of het geven van therapie niet wat veel van haar vroeg, ontkende ze dat met stelligheid. Zij voelde zich juist vereerd dat ze mocht luisteren naar de verhalen van haar patiënten en zo getuige kon zijn van een rijkdom aan geschiedenissen en ervaringen. Leven is een vorm van poëzie, vond Salomé. Hiermee drukte ze haar verwondering uit: een nieuwsgierigheid naar mens-zijn, naar het verschil in levensvormen en de zoektocht naar gemeenschappelijkheid in al die unieke verhalen. Wat mij betreft is deze verwondering ook een drijvende kracht achter iedere hulpverlening. Met mensen spreken betekent het ontwaren van een diversiteit aan n-betekeniswerelden, maar ook het vinden van gemeenschappelijke thema’s. Hulpverleners meanderen al sprekend en reflecterend altijd weer tussen het bijzondere en gelijke, tussen het unieke en gemeenschappelijke. Een beweging die naar mijn aanvoelen wordt uitgedrukt met het woord ‘variëren’. Variëren impliceert immers een aandacht voor verschil, een beweging weg van het gekende of het gelijke. Tegelijkertijd is het een beweging die blijft refereren naar het gekende of gemeenschappelijke: variëren is ook altijd een verschillen van of variëren op. (...)
Gerelateerde artikelen
Ga naar alle artikelen