Een dochter, een moeder en een psychische kwetsbaarheid
Mijn moeder was zonder twijfel de lievelingstante van al mijn nichtjes en neefjes. Iedereen kwam graag logeren bij ‘tante Coco’. Alle kinderen met wie ik samen opgroeide, voelden zich goed bij haar. Dat heeft wellicht met haar vrolijke, speelse kant en haar kinderlijke fantasie te maken. Ze was zot van Elvis Presley, Boney M. en Will Tura, kon zich uitleven op bals en thuis zong ze voor mij.
Als mama was ze zorgzaam op haar eigen – overbezorgde – manier. Zo werd ik altijd veel te warm aangekleed, moest ik ‘goed’ eten, werd er voor het minste naar de dokter gebeld en werd er heel veel voor mij gebeden, voor Klein en Groot geluk.
We waren onafscheidelijk. Om die samenhorigheid kracht bij te zetten, kocht mijn moeder vaak dezelfde kleren voor haar en voor mij. Dat vond ik altijd heel speciaal. Trots wandelden we dan in dezelfde bordeaux broek over straat (...)
Gerelateerde artikelen
Ga naar alle artikelen